|
 |
| Buena Vista Salsa Havana |
Review |
Fotografie: Kati van Helden |
| Wanneer: 6 december 2004 |
Waar: Carlton President Hotel, Rotterdam |
Tekst: Otto & Caroline |
|
|
't Zelfde,
maar nu eens vanuit een ander perspectief
Doorgaans zijn het muzikanten die in deze rubriek
voor het voetlicht worden gehaald. De tournee die het 32 koppig
gezelschap "Buena Vista Salsa Havana" afgelopen weken
door Nederland maakte, bood ons de mogelijkheid het Cubaanse muziekbedrijf
nu eens vanuit een andere optiek te benaderen.
Dit gezelschap bestaande uit 4 dansparen, 8 extra danseressen, 9
muzikanten, 3 zangers en nog eens 4 man additioneel personeel brengt
een compleet theaterspektakel. De dansers blijken een selectie te
zijn van leden van het ballet van de Cubaanse nationale televisie. Voor de muzikanten geldt hetzelfde.
Ook de meesten van hen blijken te zijn verbonden aan het orkest
van datzelfde televisiestation. Hoog opgeleide professionals dus
en bekende gezichten van de Cubaanse televisie.
Stralend middelpunt van
de show is Giselle Carreño Alvarez. (foto links - midden) Zij is telg van een familie die Cuba inmiddels verschillende generaties
prima-ballerina´s heeft geleverd. Haar lot werd bezegeld op
het moment dat zij door haar ouders werd vernoemd naar het beroemde,
uit 1841 daterende ballet "Giselle" van Adolphe Adam.
Echter niet zij, maar één van haar zusters is inderdaad
prima ballerina geworden. Zijzelf heeft zich al dansend in een andere
richting ontwikkeld. Dit hing samen met haar lichaamsbouw en daardoor
de vervolgopleidingen waarvoor zij werd toegelaten.
De levensgeschiedenis van danspartner Rolando Ferrer (foto rechts
boven: 2e van rechts) verschilt niet veel van dat van Giselle.
Weliswaar niet professioneel zoals Giselles familie, maar ook zijn
ouders waren goede dansers en hebben hun aanleg en liefde op hem
overgedragen.
Al op zeer jeugdige leeftijd
kreeg hij zijn eerste onderricht en gaandeweg heeft hij tot op het
hoogste niveau veelzijdig georiënteerd dansonderricht gekregen.
De achtergrond van de andere leden van het gezelschap is niet veel
anders. Daarmee ontlopen de verhalen van deze beroepsdansers die
van de meeste beroepsmuzikanten elkaar niet erg veel. Scholing en
familietradities blijken ook bij de dansers een belangrijke rol
te spelen. Motor achter de show is Francisco Olivera. Een oude rot
in het vak. Zelf ooit danser heeft hij zich ontwikkeld tot gevierd
choreograaf.
Anderhalf jaar geleden bedacht hij het concept voor deze show. Het
moest beslist geen show in de "Tropicana-traditie" worden
met veel glitter en glamour en grote groepen dansers (indertijd
wel 200 dansers en 800 kostuums). Deze shows vindt hij gevoelsmatig
te zeer verbonden aan de locatie en atmosfeer van deze fameuze nachtclub.
Je moet de shows die daar worden opgevoerd niet willen transponeren
naar een locatie met minder grandeur. Nee, deze nieuwe show moest
eigentijds worden met een zekere diepgang. Iets met tradities en
tegelijk aanleunen tegen het dagelijks leven. De inspiratie voor
deze show zocht hij in de meest letterlijke zin op straat. Daar
vond hij zowel traditie met rumba, rueda en comparsa als jongerencultuur
met rap, reggae en hiphop. Hij bezocht bepaalde clubs en observeerde
er de dansstijlen en pasjes van de dansparen. Het resultaat van
al die observaties is geen klassiek ballet geworden maar een kleurrijk
palet van dans, geluiden en bewegingen van de straat. Er volgden
audities om het juiste gezelschap bij elkaar te krijgen en eerst
toen dat achter de rug was, kon het project daadwerkelijk gestalte
worden gegeven. Het vergde ruim drie maanden voorbereiding. Er moesten
allerlei details in worden verwerkt. De gekozen kleding en kleuren
staan dan ook bol van symboliek. Zo is er ook een tafereel
met een scène geïnspireerd op een beroemd schilderij
van Carlos Enrique. Onvermijdelijk zijn natuurlijk de rode vaandels
die symbool staan voor het revolutionaire gedachtegoed van het Nieuwe
Cuba. De gehele show bestaat uiteindelijk uit een elftal scènes
met dit soort ingrediënten. Na een reeks voorstellingen op
het eiland zelf is de show nu dan op tournee gegaan. Waar bij veel
klassieke muziek de natuurlijke samenhang tussen muziek en beweging
in de beleving van Francisco Olivera verloren is gegaan, is deze
in de Cubaanse muziektraditie nog volop aanwezig.
Maar ook met de doorgroei van die traditionele muziek naar hedendaagse
populaire muziek blijft die interactie muziek en beweging heel elementair.
Die Cubaanse muziektraditie laat de show zo´n beetje beginnen
met de danzón. Dit genre was in het Cuba van kort voor de
vorige eeuwwisseling bijzonder populair. De dans is intiem en introvert.
Het genre werd na die eeuwwisseling in populariteit verdrongen door
de romantische bolero, een genre dat in populariteit op zijn beurt
in de jaren twintig weer werd verdrongen door de uit de oostelijke
provincies afkomstige son. Het is deze son waaruit later de salsa
is ontstaan. Op het ritme van de cha cha chá en mambo, beide
doorontwikkelingen van de danzón, beleefde de Cubaanse muziek
in de jaren vijftig haar gouden periode. De daarop volgende revolutie
gooide alles omver. Muziek en dans werd dienstbaar aan de revolutie.
Maar buurman VS zat niet op revolutionair gedachtegoed te wachten
en wierp allerlei blokkades op. In weerwil van die blokkades is
Cuba geen op zichzelf staand eilandje gebleven waar tijd heeft stilgestaan.
Zeker wat cultuur betreft, blijkt Cuba open grenzen te hebben. Ook de muziekcultuur van
de grote boze buurman is niet aan het eiland voorbij gegaan en inmiddels
zijn rap, reggae en hiphop onder jongeren gemeengoed geworden. Natuurlijk
waren die laatste genres niet 1:1 transponeerbaar en ondergingen
een Cubaanse bewerking. Maar wat hier netjes in chronologische volgorde
staat, moest in de show omwille van de opbouw her en der door elkaar
worden gehusseld. Desondanks trekt in amper twee uur tijd in een
bonte stoet aan kostuums en strakke choreografie meer dan een eeuw
Cubaanse muziekgeschiedenis voorbij. Waar de genres en gekozen nummers
een bepaald tijdsbeeld moeten oproepen, is deze lijn niet doorgetrokken
met het orkest. Met een blazerssectie, keyboard enz. is gekozen
voor een modern geluid.
Tevergeefs zal men zoeken naar traditionele instrumenten of regionale
ritmes als changüí of sucu sucu. Voor mondaine Havanezen
is dit een soort "Hill Billy-geluid" en past niet bij
het beeld wat men van zichzelf wil oproepen. Salsa en timba passen
meer bij hoe men zich op Cuba zelf graag ziet. Buiten Cuba, zo denkt
men, is de naald met kennis van Cubaanse muziek ergens blijven hangen
in 1959. De muziek van na die tijd zou hier niet bekend zijn. De
show en de gekozen muziek moet tonen dat de hedendaagse Cubaanse
muziek modern is, naar buiten gericht is en internationale aandacht
verdient. Daarmee klinkt het idee van waaruit de show is opgebouwd
ons bekend in de oren.
Recentelijk nog werd ongeveer de zelfde boodschap uitgedragen met
de "Musica Cubana"-film en alle publiciteit daaromheen.
Dat Cuba in het Westen een grote onbekende zou zijn, is allang niet
meer waar. Maar wat ook waar is, is dat het mondiale succes van
het Buena Vista-album met bijbehorende film een stereotiep beeld
over de Cubaanse muziek heeft gecreëerd. Daarop inhakend is op deze
show bewust het etiket "Buena Vista - Salsa Havana" geplakt.
Want Cuba is tegenwoordig naast rum en sigaren ook heel veel Buena
Vista. Alles wat daaraan kan worden gelinkt, kan buiten Cuba op
warme belangstelling rekenen. Maar het heeft ook zijn schaduwzijde.
Wie anders wil dan dat beeld bevestigen, kan internationaal amper
uit de voeten. Een grote groep zeer getalenteerde hoog opgeleide
artiesten schreeuwt om aandacht.
Deze "Salsa Havana-show" is zo'n schreeuw. Maar al te
graag willen zij aan een groot publiek tonen dat Cuba meer te bieden
heeft. De show is niet het eerste en zal ook niet het laatste project
van Francisco Olivera zijn. Ondanks het succes, ambieert hij zeker
niet met een vervolg op de proppen te komen. Hij heeft genoeg ideeën
voor nieuwe shows met een totaal ander karakter. Hij wil nog geen tipje
van de sluier oplichten, maar zijn grootste wens is ooit een Cubaanse
musical neer te zetten. Of hij dit ooit zal kunnen verwezenlijken?
Wellicht bestaat er een Cubaanse tegenhanger van EndeMol en weet
hij die daarvoor te interesseren. De tijd zal het leren! |
| |
|
|
| © copyright
- latinartiesten.nl 2003 |
|
|