|

|
Interviews 2005
met (inter) nationale artiesten
In de reeks van "Interview
met" heeft het
Salsa Info team bestaande uit
Otto & Kati van Helden (Lago Latino),
André Lambeck
& Caroline Bergwerf
(Salsa Info) diverse nationale en
internationale artiesten geinterviewd.
|
|
 |
Sonora Carruseles (Colombia)
Wanneer: 30 juli 2005 | Waar: Zomercarnaval, Rotterdam | Tekst: Otto & Caroline | Fotografie Kati van Helden |
|
| |
|
"Om
de gunst van het publiek"
Ze waren de slotact van de officiële afterparty
van het Rotterdamse zomercarnaval. Om precies 22.00 uur gingen de
poorten van de Haventerminal open. Daar zou het feestgewoel tot
diep in de nacht worden voortgezet. Nu waren de optocht overdag
en de afsluitende concerten op de Coolsingel het domein van de toeschouwer.
De afterparty was daarentegen het domein van de danser. Wie nog
puf had, kon zich in de ene zaal laven aan een mix van merengue,
bachata en reggaeton. In de andere zaal heerste de salsa.
Gerald y la Ritmica, brassbands en
koninginnen fungeerden als voorverwarmer voor de slotact: Sonora
Carruseles. De heren van dit orkest kwamen wat dat betreft in een
gespreid bedje terecht. Eerlijk is eerlijk, hun optreden was geanimeerd.
Maar het hoge tempo dat de heren aanhielden, maakte van de dansvloer
een uitputtingsslag. Slechts weinigen konden het van het eerste
tot het laatste nummer volhouden.
Wie alleen hun platen kent,
denkt al snel aan een kunstmatig studioproduct dat live nooit zou
kunnen worden gereproduceerd. Mis. Het gezelschap blijkt stuk voor
stuk uit geroutineerde artiesten te bestaan en live klinken zij
precies zoals op de plaat. Dat is op zich een hele prestatie maar
wellicht meteen ook een punt van kritiek. Salsakenners hebben er
geen goed woord voor over. Toch doet dat aan hun populariteit niets
af. Sonora Carruseles is namelijk
zo'n typisch product van het Colombiaanse platenlabel Discos Fuentes.
Dit label heeft voor elk genre wel een aantal artiesten onder contract
staan. Deze brengen veelal volgens vast recept en aan de lopende
band steeds weer nieuwe albums uit.
Zo kennen wij Sonora Dinamita voor cumbias, Los del Caney voor oude
Cubaanse muziek, Fruko y sus Tesos voor uptempo salsa, Los Titanes
voor romantische salsa, Alquimia voor het jaren vijftig Sonora Matancera-geluid
en ja... Sonora Carruseles past prima in dit rijtje met salsamuziek
uit de jaren zestig en zeventig. Hoewel zeker ook bedoeld voor de
binnenlandse salsascène zijn de albums van deze formatie
vooral bedoeld voor buitenlandse export. Door de redelijk goede
internationale marketing van Discos Fuentes scoort elk album wel
een aantal hits in binnen- en buitenland. Bij dat buitenland moet
je aan buurlanden denken zoals Peru en Ecuador.
Ook scoren zij in de
Verenigde Staten en op verschillende Caribische eilanden. Inmiddels
begint ook Europa een aantrekkelijke markt te worden. Op dansscholen
is hun vlotte pretentieloze dansmuziek als het ware in het lespakket
"ingebakken". Bedenker van het concept achter Sonora Carruseles
is Mario "Pachanga" Rincón, één van
de stuwende krachten achter Discos Fuentes. Hij was het, die besefte
dat aan het hele spectrum van muziek dat door Discos Fuentes werd
aangeboden één schakel ontbrak. Hij miste de oude
hits uit New York in de aanloop naar de "salsa boom" midden
jaren zeventig.
Samen met Diego Galé is deze Mario Rincón een idee
voor een nieuwe band gaan uitwerken. Wat betreft het repertoire
wilde hij zich overigens niet beperken tot alleen oude liedjes uit
New York. Hij wilde het toch iets breder trekken met ook bekende
liedjes uit die tijd uit Cuba, Colombia en Puerto Rico. De uiteindelijk
geselecteerde liedjes werden op de beproefde Fuentesmanier bewerkt.
Ze werden voorzien van een populair hedendaags arrangement en opnieuw
opgenomen met de modernste opnametechnieken. Het eerste resultaat
van deze samenwerking, het album "Espectacular", kwam
in 1995 op de markt. Met hun bewerking van "Vitamina",
een oud nummer van Noro Morales, scoorden zij meteen een hit. Het volgende album borduurde
op dit succes voort. De meest in het oog springende tracks op dat
album waren "Soy el Rey" en "Federico Boogaloo",
oude nummers van de "koning van de boogaloo", de Panamese
pianist Pete Rodriguez. Dit genre lijkt inmiddels hun handelsmerk
te zijn geworden. Op alle volgende albums wordt namelijk steevast
een prominente plaats ingeruimd voor zowel oude gecoverde als spiksplinternieuwe
boogaloo´s.
Volgens trompettist Dante Vargas (Peru, 1972), reeds jaren muzikaal
leider van Sonora Carruseles, is de groep inmiddels doorgegroeid
van pure coverband naar een band met een evenwichtige mix van oude
en nieuwe (eigen) nummers. Telde het eerste album slechts een enkel
nieuw nummer, de laatste CD bestaat voor zeker 70% uit nieuwe nummers.
Die nieuwe nummers moeten qua stijl en ritme natuurlijk wel aansluiten
op de oude nummers waarmee zij worden gecombineerd. Nog steeds is het Mario
Rincón die een grote vinger in de pap heeft. Hij bedenkt
steeds weer nieuwe nummers voor het repertoire en geeft zijn instructies
over hoe deze moeten klinken. Het is vervolgens aan Dante om deze
ideeën verder uit te werken. Dit is zijn werk.
Hij wil daarin professioneel zijn, maar heeft er verder geen pretenties
mee. Als geen ander weet hij wat Sonora Carruseles wel is en wat
niet. Dante maakt dan ook haarscherp onderscheid tussen enerzijds
zijn persoonlijke ambities en anderzijds zijn werk. Neigen die persoonlijke
ambities richting jazz, zakelijk zoekt hij zijn toekomst in de salsa.
In dat genre wil hij doorgaan. Voor een trompettist is zijn fascinatie
voor jazz niet vreemd. Maar waar in Europa jazz decennia lang gemeengoed
is, is het in Zuid-Amerika nog altijd vrij exclusief. Wat betreft
de salsa, heeft Dante door de jaren heen een omvangrijke discografie
opgebouwd. Het zijn vooral albums van Discos Fuentes met Fruko y
sus Tesos, Sonora Dinamita, The Latin Brothers en Los Titanes. Toch
werkt hij niet meer exclusief voor Discos Fuentes. In de Verenigde
Staten werkt hij inmiddels ook samen met klinkende namen als Sergio
George en Marc Anthony. Naast de albums voor Discos Fuentes valt
zijn trompet daarom ook te beluisteren op albums voor andere labels. Zangers Harold Pelaez,
Mariño Paz en Luis Ruiz zijn op het podium als een drieling.
Toch komen zij uit alle windstreken van Colombia en hebben daardoor
totaal verschillende achtergronden.
Harold Pelaez (1968) is geboren in Barranquilla, een grote havenplaats
aan de Caribische kust van Colombia. Hij kan zich nog levendig voor
de geest halen hoe zijn grootouders vroeger allerlei Cubaanse liedjes
zongen. Zelf lag hij als kind op de grond voor de radio geobsedeerd
naar andere liedjes te luisteren. Hij probeerde ze na te zingen
en zich voor te stellen hoe het zou zijn wanneer hij op een podium
zou staan en door een menigte te worden toegejuicht. Zijn ouders
waren echter niet erg gecharmeerd van het idee dat hij muzikant
wilde worden. Uiteindelijk heeft hij journalistiek gestudeerd. Desondanks
is Harold vanaf zijn zestiende jaar professioneel muzikant en is
hij al weer een jaar of zes aan Sonora Carruseles verbonden. Harold heeft als rechtgeaard
Costeño een persoonlijke muzikale voorkeur voor de traditionele
ritmes uit zijn geboortestreek zoals de cumbia. Hoewel hij zeker
ook waardering heeft voor de moderne uitvoeringen van deze muziek,
heeft Harold toch een lichte voorkeur voor de traditionele uitvoeringen
waarin "la esencia del tambor" in doorklinkt.
De oudste van het gezelschap, Mariño Paz, is afkomstig uit
de Noordelijke provincie Chocó. Opgroeiend in Medellín
was er thuis altijd muziek om hem heen. Zijn moeder zong en zijn
vader componeerde liedjes. Zelf zocht hij het eerst in een heel
andere richting en haalde een universitaire graad in literatuur.
Zijn professionele carrière is een synthese van wat zijn
ouders graag deden: liedjes schrijven en zingen. Mariño is
namelijk al weer zo'n 25 jaar als vocalist en componist verbonden
aan het Discos Fuentes-label. Hij is vanaf het prilste
begin bij Sonora Carruseles en zijn stem is op alle albums met deze
groep te horen. De eerste vijftien jaar van zijn carrière
heeft hij vooral traditionele muziek uit zijn geboortestreek gespeeld.
Hij is echter al jaren bevangen door het salsavirus, met artiesten
als Ismael Rivera, Andy Montañez en Oscar d'Leon als zijn
grote voorbeelden. Toch is hij de laatste jaren wat minder eenkennig
aan het worden want hij begint nu ook een beetje naar de bolero
te trekken. En wat als het zingen niet meer gaat? Geen probleem;
gewoon doorgaan met componeren. Luis Ruiz (1966) is afkomstig
uit Buenaventura, de grootste havenplaats van Colombia aan de Stille
Oceaan. Ook bij hem heeft zijn moeder veel aan zijn eerste muzikale
vorming bijgedragen. Zij zong in allerlei orkesten die de traditionele
muziek uit de streek, de currulao, speelden. Met een aantal van
deze orkesten heeft zij zelfs - lang geleden - tournees door Europa
gemaakt.
Maar het was niet alleen zijn moeder die hem vormde. Opgroeiend
in een havenplaats met enerzijds een rijke eigen traditie maar anderzijds
wijd open staande poorten waarlangs allerlei muzikale invloeden
naar binnen konden stromen, werd hij gegrepen door de salsa van
de Fania All Stars die uit New York kwam overwaaien. Het zijn vooral
zangers als Hector Lavoe, Ismael Rivera en Ismael Miranda die hem
tot voorbeeld strekken. Maar van alle Faniastemmen heeft Rubén
Blades nog het meeste indruk gemaakt. Luis is ronduit gefascineerd
door de boodschap die Rubén Blades zijn muziek heeft meegegeven
en ook door de wijze waarop hij die teksten vertolkt.L uis is op
zijn zestiende jaar aan het conservatorium in Cali gaan studeren.
In de salsascène zong hij onder meer met Guayacán
Orquesta. Onder de hand is hij al weer zeven jaar verbonden aan
Discos Fuentes en zingt hij met groepen die aan dat label gelieerd
zijn zoals Los Niches, Piper Pimienta, Fruko y sus Tesos en The
Latin Brothers. Sinds zes maanden is Luis verbonden aan Sonora Carruseles.
Allen ambiëren een kans van Fuentes om solo naar buiten te
mogen treden.
Pratend over hun achtergronden, idolen en toekomst, openbaart zich
dat Colombia een eigen muzikale traditie heeft. Hoe populair de
salsa in Cali en de rest van Colombia ook moge zijn, uiteindelijk
is het niet meer dan een importproduct. De rudimentaire vormen van
de salsa, met name de Cubaanse ritmes, hebben zich vanaf de jaren
twintig van de vorige eeuw via grote havenplaatsen als Barranquilla
en Buenaventura over het land verspreid. Op vele plaatsen is vermenging
opgetreden met de eigen lokale ritmes. Als salsa in zijn pure vorm
blijkt het daar pas de laatste decennia gemeengoed te zijn geworden. In deze context is het niet verwonderlijk dat de salsahelden van
de artiesten van Sonora Carruseles niet uit Colombia komen, maar
uit Cuba, New York en Puerto Rico. Ook over hun toekomst met Sonora
Carruseles zijn zij het met elkaar eens. Dat is aan het publiek.
Als alle mensen hebben zij de optie om onder de douche aria's te
zingen en daar hun huisgenoten mee te vervelen. Maar zolang het
publiek hen blijft vragen, hoeft dat niet en zullen zij terugkomen. |
| |
|
|
| © copyright
- latinartiesten.nl 2003 |
|
|