|

|
Interviews 2004
met (inter) nationale artiesten
In de reeks van "Interview
met" heeft het
Salsa Info team bestaande uit
Otto & Kati van Helden (Lago Latino),
André Lambeck
& Caroline Bergwerf
(Salsa Info) diverse nationale en
internationale artiesten geinterviewd.
|
|
 |
Mayito - Los Van Van (Cuba) - Musica Cubana - Sons of Buena Vista
Wanneer: 21 oktober 2004 | Waar: Novotel, Amsterdam | Tekst: Otto & Caroline | Fotografie Kati van Helden |
|
| |
|
"Moet
het wel een buitenlander zijn om het Cubaanse verhaal aan buitenlanders
te vertellen"?
Voor de meesten van ons is Cubaanse dans en muziek
niet meer dan een ongecompliceerd tijdverdrijf en dat los staat
van politiek of maatschappelijk activisme. Maar of je het zoekt
of niet, dit soort zaken zijn toch onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Waar de muzikale expressie in het Westen te maken heeft met ijzeren
wetten van de commercie, lijken deze op Cuba, althans in theorie,
te zijn uitgeschakeld. Dit zou ruimte geven voor een andere benadering
van het uiteindelijke product: de muziek.
Inderdaad lijkt commercie op Cuba
een minder dominante rol te spelen dan in het Westen. Daartegenover
staat evenwel een zeer nadrukkelijke bemoeienis door de overheid.
De sturing die men daarvan krijgt, kan haaks staan op artistieke
expressie en persoonlijke ambities. Net als in de rest van de wereld
heeft ook op Cuba de medaille dus een keerzijde. Het leven op Cuba
heeft dan ook zoals zangeres Osdalgia ons in "Musica Cubana"
vertelt, zijn goede en slechte kanten. Zij en een aantal anderen
symboliseren in die laatste film een nieuwe generatie Cubaanse muzikanten,
opgroeiend en carrière makend in het Nieuwe Cuba. Dit in
scherp contrast met de bedaagde Pio Leiva. Met zijn onafscheidelijke
sigaar is Pio overduidelijk een relikwie uit het Oude Cuba. Laconiek
freewheelt hij op zijn succes van weleer en koestert zich in de
belangstelling van vandaag. Oppervlakkig lijkt het verschil tussen
Pio Leiva en die nieuwe generatie alleen een kwestie van jaren.
Het curieuze is echter dat, waar het nieuwe systeem min of meer
een einde maakte aan de glorieperiode van de één,
datzelfde systeem de voorwaarden schiep voor het succes van de ander.De
één, wiens carrière sneuvelde, is Pio Leiva.
Zijn verhaal begint ergens in de jaren twintig waar hij opgroeit
in een kansarm milieu. Hij ontwikkelt zich autodidactisch en trekt
zich vervolgens aan zijn eigen haren omhoog. Zijn grootste triomfen
beleeft hij in de jaren vijftig, een periode waarin de Cubaanse
muziek haar gouden periode beleefde. Een revolutie maakt hier
radicaal een einde aan. Diezelfde revolutie brengt nieuwe verhoudingen.
Niet geld of afkomst, maar aanleg, ambities en capaciteiten worden
bepalend voor het onderwijs dat wordt gevolgd. Aldus wordt op Cuba
een nieuwe generatie muzikanten geschoold. Deze nieuwe aanpak mist
zijn uitwerking niet. Er ontstaat een reservoir met goed geschoold
muzikaal talent. En natuurlijk is dit geen wet van Meden en Perzen.
Er blijven altijd van die natuurtalenten waar geen muziekschool
of conservatorium aan te pas hoeft te komen. Maar Mario Rivera,
kortweg "Mayito", is een goed voorbeeld van die nieuwe
generatie goed opgeleide muzikanten die het in de oude situatie
vermoedelijk zonder had moeten doen. De film "Musica Cubana"
brengt Pio en Mayito samen.
Mayito, geboren in 1966 in Pinar del Rio, is de laatste in een rij
van negen kinderen. Het gezin was niet rijk maar wel artistiek.
Er werd veel gezongen en gespeeld maar niemand heeft er ooit zijn
beroep van gemaakt. Mayito´s vroegste muzikale herinneringen
zijn die aan een oude grammofoon in het huis waar hij opgroeide,
in die tijd een heel bezit. Er waren platen met muziek van onder
andere Orquesta Aragón en Los Zafiros. Maar het waren niet deze
oude LP's die hem voor de muziek deden kiezen. Dat waren zijn broers.
Eén ervan was een regelrechte rumbero en speelde tumbadora.
Samen met nog andere broers en wat vrienden zorgden zij dat er altijd
wel ergens een rumba klonk. Mayito was natuurlijk ook van de partij.
Hun verkenning van de muziek werd zijn verkenning. Dit alles speelde
in de jaren zeventig, de tijd waarin hij opgroeide. Het is de muziek
uit die periode die hem daarom tot op de dag van vandaag tot voorbeeld
dient. De guaguancó in al zijn verschijningsvormen werd zijn
favoriet. Maar anders dan zijn broers is hij doorgegaan. Hij is
het als zijn roeping gaan zien. Zijn formele scholing begon op de
stedelijke muziekschool. Hij doorliep het hele circus en verliet
veertien jaar later als volleerd percussionist de Escuela Superior
de Artes. Na het afronden van deze opleiding begon de tocht naar
succes. Aanvankelijk speelde Mayito in allerlei groepjes waarvan
de namen allang vergeten zijn. Zo kwam hij als bassist
terecht bij Grupo Girón en speelde ook een tijdje met het
bekendere Grupo Moncada. Weer wat later werd hij percussionist in
het orkest van Albita Rodriguez. Uiteindelijk werd hij gevraagd
door Los Van Van. Dit orkest werd zijn leerschool. Hij ontwikkelde
zich daar als vocalist en staat inmiddels al ruim 12 jaar volop
in de schijnwerpers. Het is Juan Formell, de leider van dit orkest,
die hem momenteel stimuleert en ruimte biedt om andere dingen te
proberen.
Het eerste resultaat staat al in de platenrekken; een tweetal soloproducties
waarover hij best tevreden is. Het meest opvallende album is "Pa'
bachatear Chappotín" (BIS Records CD-173, 2000), een
eerbetoon aan de muziek van Félix Chappotín samen
met Miguelito Cuni. Dit eerbetoon heeft op Cuba inmiddels al diverse
prijzen in de wacht gesleept. Het andere album, "Negrito bailador",
is bij het grote publiek minder bekend. Naast deze soloproducties
heeft Mayito zijn medewerking verleend aan nog tal van andere albums.
Maar ondanks dit persoonlijke succes ambieert Mayito geen solocarrière.
Los Van Van is en blijft zijn thuisbasis. De keuze voor een eerbetoon
aan Félix Chappotín en Miguelito Cuni komt niet uit
de lucht vallen. Het blijken deze artiesten te zijn die samen met
nog anderen zoals Beny Moré en Lili Martínez, voor
Mayito een bron van inspiratie vormen.
Artiesten die uitgerekend in de gouden periode van de Cubaanse muziek,
de jaren vijftig, hun grootste triomfen vierden. Zonder Pio op gelijke
hoogte met deze grootheden te willen stellen, is Pio wel een exponent
van die gouden periode geweest. Het in het kader van de opnamen
van "Musica Cubana" kunnen samenwerken met Pio was voor
Mayito dan ook een bijzondere ervaring. Maar werken met een artiest
als Pio Leiva, doet mensen nadenken over hun muzikale toekomst op
langere termijn. Natuurlijk hoopt ook Mayito
nog lang te kunnen blijven zingen. Maar als dat om één
of andere reden niet meer zou kunnen, ziet hij zichzelf nog tal
van andere activiteiten ontplooien en muzikaal actief blijven. Met
componeren, achter de piano of met de tres ziet hij voor zichzelf
nog een lange toekomst weggelegd. En als het even kan, ziet hij
zichzelf op hoge leeftijd nog spelen, als een soort Pio Leiva, met
een klein groepje oudere mannen die de tradities hoog moeten houden.
Over "Musica Cubana" vertelt Mayito dat het hele gezelschap
min of meer bij elkaar is gekomen zoals in de film wordt getoond.
Pio vervult in het verhaal niet alleen de rol van protagonist, een
beschermheer, maar ook die van meester waar de jongeren nog van
kunnen leren. Iedereen in de film is min of meer representatief
voor een bepaalde stroming binnen de hedendaagse populaire muziek.
Daarmee schetst de film, wat Mayito betreft, een reëel beeld
van de energie en vitaliteit van de Cubaanse muziekscène.
Maar waar Pio de namen van Pupy Pedroso en Roberto Carcasses laat
vallen als de architecten van de filmmuziek, ontkent Mayito dat
iemand deze eer voor zich alleen kan opeisen. Volgens hem is de
muziek een collectief product waar ieder een bijdrage aan heeft
geleverd. Mayito hoopt dat de film voor de buitenwacht net zo´n
eye opener zal zijn als de Buena Vista Social Club. Voor het appelleren aan
die buitenwacht was het een goede zet de film te laten schieten
door een buitenlander. Het leidt tot andere accenten. Maar het gevolg
is wel dat de waarheid enigszins wordt geromantiseerd.
Zeker op Cuba komt bij een internationale tournee meer kijken dan
alleen een toevallige ontmoeting met een Japanse toerist. Een Cubaanse
cineast zou vermoedelijk dichter bij de realiteit zijn gebleven
en hebben stilgestaan bij de problemen die de artiesten ondervinden.
Maar Mayito beseft tegelijkertijd dat naarmate het verhaal voor
Cubanen herkenbaarder wordt, het zijn aantrekkingskracht op buitenstaanders
verliest. Voor het overbrengen van de boodschap neemt hij een ietwat
vertekend beeld graag voor lief. Maar ondanks deze plausibele uitleg
blijf ikzelf toch moeite hebben met het idee dat er kennelijk een
buitenlander nodig is om het Cubaanse verhaal aan buitenlanders
te vertellen. Ongeacht zijn exacte tint,
schuilt in elke Cubaan een stukje Afrika. Het klinkt in de meest
letterlijke zin door in zijn cultuuruitingen. Cubaanse muziek vormt
wat dat betreft een even spannend als intrigerend hoogtepunt. In
de film "Musica Cubana" is het Mayito die hierop ingaat
en de hem toegemeten ruimte benut om stil te staan bij het Cubaanse
slavernijverleden. Door zijn donkere kleur lijkt het doorklinken
van dat Afrikaanse verleden een vanzelfsprekendheid. En lange tijd
was het ook voor Mayito niet meer dan een waarheid als een koe.
Onlangs heeft het echter voor hem een andere dimensie gekregen.
Niet zo lang geleden is hij er namelijk achter gekomen dat zijn
grootouders en overgrootouders van vaders zijde echte Congo's waren.
En Congo's, vertelt hij trots, betekent "tambor, esclavo y
rebelde". Je zou deze woorden letterlijk kunnen vertalen, maar
hun betekenis ligt dieper. Het verwijst naar onverzettelijke slaven
die zich aan hun ketenen wilden ontrukken, het roeren van de trom
en hun oproep tot rebellie. Mayito's ouders waren gescheiden
en zijn herinneringen aan deze mensen waren vaag en niet goed te
definiëren. Nu is alles weer tot leven gekomen. Sindsdien ervaart
Mayito het Afrikaanse element in de Cubaanse cultuur op een andere
manier. Het is nu iets persoonlijks geworden, iets dat op hem betrekking
heeft. De film heeft voor Mayito nog geen concrete spin off gehad.
Momenteel laat hij zich alle aandacht welgevallen. Als de film over
Europa is gewaaid, zal hij terugkomen voor een concluderende concertreeks
met de artiesten van de filmcast. Pas dan zal duidelijk worden wat
voor impact de film precies heeft gehad. Te zijner tijd zullen wij
hem daar weer naar vragen.
|
|
| © copyright
- latinartiesten.nl 2003 |
|
|