|

|
Interviews 2004
met (inter) nationale artiesten
In de reeks van "Interview
met" heeft het
Salsa Info team bestaande uit
Otto & Kati van Helden (Lago Latino),
André Lambeck
& Caroline Bergwerf
(Salsa Info) diverse nationale en
internationale artiesten geinterviewd.
|
|
 |
Luis Frank (Cuba) - Musica Cubana - Sons of Buena Vista
Wanneer: 16 september 2004 | Waar: Film by Sea, Scheveningen | Tekst: Otto & Caroline | Fotografie Kati van Helden |
|
| |
|
"Een
man om mee rekening te houden"
Is het zijn forse postuur, het feit dat hij gediplomeerd
instructeur gevechtssporten is, zich beschermd weet door niemand
minder dan Changó, of simpelweg een overdaad aan sterallures
wegens zijn hoofdrol in de film "Música Cubana - Sons
of Buena Vista"? Feit is dat als hij eenmaal op het podium
staat, hij daar moeilijk meer van af te krijgen is.
Dat bleek bij de afterparty ter gelegenheid van de pre-première
van deze nieuwste Cubaanse muziekfilm tijdens het "Films by
the Sea-festival" te Scheveningen. Na vertoning van de film
in het Pathè-theater kon er op de Pier een borrel op worden
gedronken.
Het podium van de stemmige zaal hoog
boven de kolkende Noordzee was eigenlijk ingeruimd voor de groep
van El Diamante del Son. Maar hoofdrolspeler Luis Frank was voor
de gelegenheid naar Nederland gehaald en belandde uiteindelijk op
het podium met alle gevolgen van dien.
Dat zich beschermd weten door Changó houdt alle verband met
zijn bijnaam "El Macry". Dit woord zul je in geen enkel
Spaans woordenboek aantreffen. Het is afkomstig uit het Yuoruba-dialect
en betekent zoveel als "el blanco en el religión negro"
(de blanke met het zwarte geloof). Hij dankt deze bijnaam aan de
inmiddels overleden orkestleider en timbalero Elio Revé die
hem in aanraking bracht met Santería. Sindsdien weet hij zich
in zijn dagelijks functioneren gesteund door Changó. Deze
godheid accentueert zijn goede eigenschappen en geeft hem kracht
en gezondheid. Direct gevolg van deze ommezwaai naar Santería:
geen alcohol, geen koffie en alleen nog maar zeer beperkt een sigaretje.
Diezelfde Luis Frank stond ook aan de wieg van "Música
Cubana - Sons of Buena Vista". Hij, samen met de Duitse platenbaas
Detlef Engelhard en de Cubaanse zangers Pio Leiva en Rudy Calzado,
beraamden de eerste plannen voor een eigentijds vervolg op Wim Wenders'
documentaire over de "Buena Vista Social Club". In de
loop van de tijd en naarmate er meer mensen bij betrokken raakten,
veranderde het ruwe idee van vorm en kreeg langzaam zijn definitieve
gedaante.
Hoewel er de nodige overeenkomsten zijn, ademt "Musica Cubana
- Sons of Buena Vista" toch een andere atmosfeer dan eerdere
films zoals bijvoorbeeld "Lagrimas negras" en "Buena
Vista Social Club". Waren deze laatste films
qua genre kruisingen tussen documentaire en roadmovie, de nieuwe
film voegt daar een nieuw element aan toe, namelijk dat van een
fictief verhaal. Maar desondanks spelen de artiesten ook in deze
film vooral zichzelf. En hoewel hem in dit alles een hoofdrol is
toebedeeld, voelt Luis Frank zich allerminst acteur. Hij heeft vooral
muziek gemaakt en die paar situaties die hij volgens het script
moest acteren, heeft hij op de koop toe genomen.
Is op de eerdere films de kritiek geuit dat er te weinig muziek
in was te horen, de nieuwe film zal deze kritiek niet kunnen treffen.
De recensies lijken hier eerder de andere kant op te gaan, namelijk
dat het verhaal te luchtig is. Maar in de ogen van Cubaanse autoriteiten
kennelijk niet luchtig genoeg want de film werd gecensureerd voor
vertoning tijdens het Festival de la Pelicula Latinoamericana. Gewoonlijk huilen baby's
wanneer zij geboren worden. Luis Frank niet. Van hem wordt gezegd
dat hij niet huilde maar zong. Niet verwonderlijk, want als wij
zijn verhaal moeten geloven moet hij zijn eerste optredens al achter
de rug hebben gehad toen hij nog in zijn moeders buik zat. Luis
Franks moeder vormde indertijd namelijk samen met zijn vader een
duo, Olga y la Música", dat zich toelegde op música
campesina, Cubaanse plattelandsmuziek. Het is inmiddels een bekend
verhaal: als vanzelf groeit Luis Frank in de muziek.
Een opleiding aan het conservatorium in Las Tunas kon hem echter
niet lang boeien; het podium lonkte. De nuffige schoolbanken werden
ingeruild voor een avontuur met Los Surik. Van dit gezelschap met
vooral moderne dansmuziek maakt hij een overstap naar romantiek
en nostalgie met het Conjunto de Roberto Faz. Vanaf dat moment moet
hij zich toeleggen op vooral de gevoelige bolero. Weer een andere richting
slaat hij in met de inmiddels overleden timbalero Elio Revé.
Diens charanga-orkest heeft voornamelijk changüí op
het menu. Hij maakt opnieuw een draai van 180° wanneer hij overstapt
naar Compay Segundo y sus Muchachos, een kwartet dat hem in aanraking
brengt met vele oudgedienden die wij inmiddels kennen als gezichten
van de Buena Vista Social Club. Met deze antecedenten is zijn eerste
soloproject goed te plaatsen. Zijn Tradicional Habana is geënt
op het concept van Compay Segundo maar dan uitgebreid met slagwerk,
met name een bongo.
Luis Frank maakte met deze formatie enkele platen, maar zijn eigenlijke
artistieke leven begon volgens zijn zeggen na de overstap naar het
Duitse Termidorlabel van Detlef Engelhard. Een label met een veel
betere marketing en een aantal vooraanstaande Cubaanse artiesten
onder contract. Het bood hem de gelegenheid zijn "Tradicional
Habana" op te schalen naar "Soneros de Verdad". Niet alleen kwantitatief,
nóg een instrument erbij, maar ook kwalitatief door de grote
namen waar hij nu over kon beschikken. Hebben zijn producties met
Soneros de Verdad tot nu toe een hoog Buena Vista Social Club-gehalte,
zijn eerstvolgende productie zal een nieuwe richting inslaan.
Luis Frank heeft nu al voorpret bij de schok die het teweeg zal
brengen. Net als in de film zullen op dat album tradities worden
geconfronteerd met de allernieuwste muzikale ontwikkelingen op Cuba
en zal bijvoorbeeld rap zijn intrede doen. Luis Frank is zich er
namelijk terdege van bewust dat alles drijft op een modegril. De
mode verandert en je zal niet eeuwig met "ouwemannetjes-muziek"
kunnen aankomen. Daarnaast wil hij zich niet vastpinnen op één
bepaald genre. Je moet kunnen veranderen. Op dit punt plukt hij
de vruchten van zijn gevarieerde muzikale scholing en is van vele
markten thuis. Hij kan daarom moeiteloos van het één
naar het ander switchen. Luis
Frank wijst erop dat hij zijn carrière vooral in het buitenland
heeft gemaakt. Daardoor is hij in Cuba relatief onbekend. Hij weet
het te relativeren met de opmerking "en casa de herrero, cuchillo
de palo" (in het huis van de smid eet men met houten lepels),
ongeveer het Spaanse equivalent van de Nederlandse uitdrukking "een
profeet wordt in eigen land nooit geëerd".
Zijn eerste plaatopname maakte hij overigens in Cuba, nog met Los
Surik. Zijn latere eigen producties, waar hij best trots op is,
zijn allemaal in het buitenland gemaakt. Eén ervan heeft
het zelfs gebracht tot een nominatie voor een Grammy-award. Maar
waar andere Cubaanse artiesten bij het werken in het buitenland
nog wel eens moeilijkheden ondervinden door de andere mentaliteit,
eetgewoontes, klimaat of door gewoon heimwee, weet hij eigenlijk
niet beter en heeft zich volledig aangepast. Maar
alles heeft zijn grenzen. Zijn afkomst en identiteit verloochenen
zich niet. Hij beseft heel goed dat hij ondanks zijn aanpassingen
in de ogen van veel Europeanen door alleen al zijn gedrag en kleedgewoontes
als een soort bonte papegaai wordt gezien. Het kan hem echter niet
deren en hij gaat onverdroten door met plannen voor nog meer films
en nog meer platen. Changó doet zijn werk. |
|
| © copyright
- latinartiesten.nl 2003 |
|
|