|

|
Interviews 2004
met (inter) nationale artiesten
In de reeks van "Interview
met" heeft het
Salsa Info team bestaande uit
Otto & Kati van Helden (Lago Latino),
André Lambeck
& Caroline Bergwerf
(Salsa Info) diverse nationale en
internationale artiesten geinterviewd.
|
|
 |
El Diamante del Son (Cuba)
Wanneer: 16 september 2004 | Waar: Film by Sea, Scheveningen | Tekst: Otto & Caroline | Fotografie Kati van Helden |
|
| |
|
"Een
eigenzinnig type"
Wanneer je hem een stethoscoop op de borst zou
houden, zul je vermoedelijk horen dat zijn hartslag gelijk is aan
het ritme van de son. Zijn visitekaartje vermeldt met dikke letters
"tresero".
In kleinere letters daaronder staat "cantante
y compositor".
Maar pratend over bekende treseros, iemand die de tres - een kleine
zessnarige gitaar - bespeelt, bekent hij zichzelf niet aan die artiesten
te willen meten en zichzelf meer als zanger en componist te zien.
Hij is verknocht aan wat hij doet: hij is zijn muziek. Hij ziet
zichzelf niet als een windvaantje. Als de muziek door een volgende modegril
weer anders zou moeten, haakt hij af, gaat terug naar waar hij vandaan
komt en zal daar verder spelen. Want alleen daar, in de omgeving
van Mayari en Santiago de Cuba, zullen ze zijn muziek altijd op
waarde weten te schatten. Met Felipe Labrada Hernandez, alias El
Diamante del Son, hebben wij dan ook te maken met iemand die zijn
identiteit niet zal opofferen omwille van de roem. Je moet hem nemen
zoals hij is. En als je hem zo accepteert, zul je merken dat zijn
muziek inderdaad is als een juweel die opvallend schittert tussen
alles wat zo op elkaar lijkt. Het lijkt zo gemakkelijk.
Je wordt leider van een orkest om er een eigen stempel op te kunnen
drukken. Maar met elkaar samenwerken, betekent geven en nemen. Vrijheid
en jezelf zijn, is betrekkelijk en heeft zo zijn beperkingen. Leidinggeven
brengt verantwoordelijkheden met zich mee. De stap naar een eigen
orkest was voor Felipe een hele omschakeling maar ook hierin heeft
hij zijn stijl gevonden. Hij heeft geen spijt van deze stap; het
bleek de remedie voor wat hem al tijden dwars zat.
Felipe Labrada heeft er zichzelf mee gevonden en dat wil hij voor
geen geld of goede woorden prijsgeven. Mocht zijn muziek door nieuwe
modegrillen uit de gratie raken, hij zal niet meer in de race zijn.
Hij weet nu al dat hij zal terugkeren naar zijn geboortestreek.
Die streek en zijn muziek zijn één. Ook zonder hype
zal hij daar tot in lengte van dagen zijn muziek kunnen spelen.
Zover is het echter bij lange niet. Over de aanloop naar Felipe
Labrada y su Grupo vertelt hij dat hij in allerlei orkesten spelend,
zich steeds ongemakkelijker is gaan voelen. Het begon hem op te
breken en pratend daarover met zijn impresario's werd hem de suggestie
gedaan het eens met een eigen orkest te proberen. Zo gezegd, zo
gedaan en in 1998 zag Felipe Labrada y su Grupo het levenslicht.
Het is hem voorspoedig gegaan. Er volgden tournees door Europa.
Zeker de eerste keren vielen hem zwaar.
Toch is Frankrijk voor hem een vaste uitvalsbasis geworden en heeft
daar ondertussen al tweetal albums geproduceerd. Het zijn albums
met alleen eigen composities en hij zit boordevol plannen voor nog
meer albums. Dat hij eigen identiteit verkiest boven internationale
naam en faam lijkt grootspraak. Maar met wat hij over zijn vader
vertelt, heeft het meer weg van voortzetting van een familietraditie.
Zijn vader was een man van twaalf ambachten en dertien ongelukken.
De enige rode draad in zijn werkzaam leven was de muziek.Steeds weer probeerde
hij het in een bepaald beroep, hield het een tijdje vol, om dan
weer af te haken. Vervolgens probeerde hij het weer met zijn tres.
Maar wanneer daarmee na enkele maanden geen rooie cent meer was
te verdienen, schoof hij het instrument terzijde en probeerde weer
wat anders. Dit bleef zich alsmaar herhalen en alleen de muziek
bleef terugkomen, soms alleen maar 's avonds voor de lol met vrienden
en een drankje. Maar wat zijn vader maar niet wou lukken, hebben
zijn kinderen voor elkaar gekregen. Het spelen van tres en gitaar
leerden zij van hun vader. Felipe kreeg daarnaast een gedegen opleiding
als vocalist. Hij en zijn broers zijn uiteindelijk beroepsmuzikant
geworden en zijn dat tot op de dag van vandaag gebleven. Je kan
een artiest als Felipe Labrada moeilijk als nieuwkomer typeren.
Zijn muzikale carrière begon in 1975 toen hij op negentienjarige
leeftijd kersvers van het Colegio del Arte kwam. Hij ging spelen bij Grupo
Guajira. Het is het begin van een waslijst van namen zoals Conjunto
Tainos, Orquesta Liberación, Orquesta Chepin, maar ook van
orkesten zonder naam zoals dat van een televisiestation in Santiago
de Cuba. Orkesten die lokaal goed staan aangeschreven maar internationaal
weinig aandacht trekken. Dat veranderde in 1998 toen hij op de voorgrond
trad met zijn eigen orkest. Daarvoor waren het vooral zijn composities
die aandacht trokken. Eén van die composities is "Pa'l
monte", te vinden op een album van beroemde Familia Valera
Miranda ("A Cutiño, 1999). Het nummer was overigens
al eerder opgedoken, namelijk op het album "Todos estrellas,
trova Santiaguero" (Egrem CD-0307, 1998). Felipe is zelf één
van de estrellas van dat album en met zang, tres en composities
levert hij een opvallende bijdrage. Het heeft er daarom meer van
weg dat hij als goede wijn in de tijd is gerijpt. Het resultaat
is een koppig wijntje met een sterk eigen karakter, maar wel met
een goede afdronk.Met zijn blazers, slagwerk
en piano lijkt het gezelschap van Felipe Labrada op het eerste gezicht
op een traditioneel conjunto, de mix van instrumenten die de blinde
tresero Arsenio Rodriguez creëerde om met een voller geluid
son en aanverwante ritmes te kunnen spelen. Toch moet dit in de
tijd beproefde concept in de oren van Felipe nog steeds te mager
hebben geklonken. In zijn conjunto zijn de bij dit soort orkesten
gebruikelijke trompetten namelijk vervangen door trombones.
En inderdaad, de beperkte omvang van het conjunto in aanmerking
genomen, produceert het een opvallend vol geluid. Bij elk nummer
spetteren de vonken er vanaf en rammelen de pannen op de daken.
"Subtiel" is dan ook niet het eerste woord dat ik zou
kiezen om de muziek van Felipe Labrada te typeren. Een woord als
"onstuimig" lijkt meer op zijn plaats. Als met zovele
bijnamen is ook de zijne niet meer dan een toevallige opmerking
die als een echo is blijven nagalmen. In een tijd dat hij in
Havana werkte, was hij op een avond bij vrienden. Er werd wat gespeeld
en gedronken met de nodige mensen van de straat er omheen. Op een
gegeven moment werd hij aangeklampt door een vuilnisman die een
langdurig gesprek begon.
Op de vraag van Felipe wie hij was, antwoordde de man "el diamante
de la basura", de diamant in de vuilnis, een woordspeling op
een gezegde dat "un diamante en la basura no tiene valor",
een diamant in de vuilnis heeft geen waarde, oftewel iets kan alleen
in de juiste omgeving tot zijn recht komen.
De vrienden van Felipe vonden het ondertussen te lang gaan duren
en toornden hem mee met de opmerking: "ja, en hij is el Diamante
del Son, en nu meekomen Felipe
.". Op
deze manier had ik nog niet naar zijn bijnaam gekeken. Maar hoe
langer ik er over nadenk, hoe toepasselijker ik hem vind. Inderdaad,
Felipe Labrada is een artiest die alleen in een bepaalde omgeving
tot zijn recht zal komen.
|
| |
|
|
| © copyright
- latinartiesten.nl 2003 |
|
|