 |
| |
 |
| |
 |
op
de achterkant van de foto is de volgende tekst geschreven......
" Dr.
Salsa (13 year) and sister Benay
(6 year) Mambo Exhibition, Nevele Country
Club, House Orquestra: Noro Morales !!! Summer '1952 |
| |
 |
| |
 |
| met Pio Leiva |
| |
 |
|
Of wie komt de eer toe de mojito
in Nederland te hebben geïntroduceerd? Dit is slechts een kleine selectie
wapenfeiten uit de bonte verzameling van het echtpaar Ira en Harriett Goldwasser,
beter bekend als Dr. en Mrs. Salsa. Kris kras door hun woning hangen trofeeën
van hun muzikale hobby. Van foto's tot een oude 78-toerenplaat waar het ooit mee
begon. Maar ook slingeren overal instrumenten, van conga´s tot een contrabas
en van timbales tot een Puertoricaanse cuatro. Alsof dit alles niet genoeg is,
staat voor hun woning in Amsterdam een keurig onderhouden rode Mini die 'Salsa'
is gedoopt. Voor zover zij al niet zelf aan de wieg van de Amsterdamse salsa-scene
hebben gestaan, het is overduidelijk dat het echtpaar zich in ieder geval actief
met de opvoeding heeft bemoeid.
Trigger
Zoals
de naam al doet vermoeden, is Ira geen Latino maar een rasechte Newyorker met
een joodse achtergrond. Wat hij zich nog kan herinneren van de platen thuis bij
zijn ouders waren de albums van Xavier Cugat. Zijn ooms van moeders kant dansten
al op zwarte muziek in de Savoy Ballroom. Het is dus niet verwonderlijk dat hij
van kinds af aan is gestimuleerd hier ook iets mee te doen. Uitgerekend een plaatje
dat een vriend aan zijn zuster had gegeven zou de trigger worden. Die vriend woonde
in Spanish Harlem en kwam aanzetten met 'Abaniquito', een opname uit 1949 van
het orkest van Tito Puente met de stem van Vicentico Valdés. De toen tien
jaar oude Ira was als door de bliksem getroffen. Op deze muziek moest hij dansen. Toendertijd
was er daarvoor maar één professionele opleiding, de Katherine Dunham
School of Dance. Uren intensieve training op Afro-Cubaanse percussie maakte dat
hij in showdansgroepen terechtkwam. Lange tijd leek het alsof hij was voorbestemd
om beroepsdanser te worden. Het beviel hem wel in de showbusiness en hij was hard
op weg een ster te worden. Ira beschikte vanwege zijn leeftijd over een speciale
vergunning om in nachtclubs te mogen optreden. Hij zat zelfs al in de vakbond.
Met deze achtergrond zou je verwachten dat hij vervolgonderwijs zou gaan volgen
aan de High School of Performing Arts. Toch gooide Ira het roer radicaal om en
koos voor een richting waarmee hij een medische studie aan de universiteit kon
volgen. Deze beroepskeuze is geen afscheid gebleken. Dans en muziek was én
is zijn lust en zijn leven en hij heeft het altijd als een waardevolle hobby gekoesterd.
Brandpunt
mambo-rage
Hoewel hij daar eigenlijk te jong voor was, was hij een paar
keer de Palladium Ballroom binnengesmokkeld. Deze dansgelegenheid gold als de
'regeringszetel' van de mambo. Die regering telde maar liefst drie eerste ministers:
Machito, Tito Puente en Tito Rodriguez. Om beurten staken zij elkaar de loef af
om het onverzadigbare publiek met de beste mambo´s ooit te vermaken. Maar
tijdens het zomerreces van deze regering verplaatste de scene zich naar de Catskills.
Daar overzomerden de gesitueerde Newyorkers in luxe hotels. Die vakantieweken
waren deze hotels het brandpunt van de mambo-rage. Elk resort had een tweetal
bands onder contract, één gewone en één voor de latinmuziek.
Verder waren er dansinstructeurs en de nodige shows om de gasten te vermaken.
Het maakte de zomer tot één groot feest. Gedurende zijn middelbare
school periode, acht zomers lang, kelnerde Ira in deze hotels te midden van topartiesten
en beroepsdansers.
Flauwe hap
Wellicht dat Ira iets te veel
van het uitgaansleven genoot. Zijn universitaire studie wou niet vlotten en Ira
moest zijn studie in Europa afmaken. Zo gebeurde het dat hij in 1960 in Amsterdam
geneeskunde is gaan studeren. Daar aangekomen ging Ira direct op zoek naar latinmuziek
zoals hij die uit New York kende. Maar de vaart die de mambo-rage in New York
had genomen, was aan Europa voorbij gegaan. De mambo´s hier lagen op het
niveau van een Perez Prado en een Xavier Cugat. Wat nog het dichtst in de buurt
kwam, was de scene rond Tropicana, de club van Max Woiski Jr. aan het Rembrandtplein.
Het was geen New York, maar Ira genoot met volle teugen. Als het even kon, speelde
hij zelf op conga mee. Een
jaar later ontmoette deze feestneus in een reisbureau aan het Rokin zijn latere
echtgenote Harriett Broekman. Zij had eenzelfde achtergrond als Ira. Haar eerste
kennismaking met de latinmuziek dateert van vlak na de oorlog. Zij was toen negen
jaar oud en was naar de bioscoop gegaan voor de film 'Adios amigos'. Het simpele
feit dat dit haar zo bijstaat, geeft aan dat de muziek en cultuur indruk moeten
hebben gemaakt. Door haar omgang met Ira werd alles weer opgerakeld. Ondertussen
doofden de laatste restjes mambo doordat Nederland net als de rest van de wereld
in de ban raakte van the Beatles. Hun Merseybeat was voor Ira flauwe hap. Juist
in die periode, 1964, werd de eerste discotheek in Amsterdam geopend. Daar in
de 'Fietsotheek', inspelend op het feit dat het een omgebouwde fietsenstalling
onder het Hilton was, liet Ira het uitgaanspubliek voor het eerst kennismaken
met onvervalste soulmuziek van James Brown.
Besmetting
door salsavirus
Terwijl Ira en Harriett in Amsterdam aan het feesten waren,
raakte de mambo ook in New York verleden tijd. De Palladium Ballroom moest in
1966 haar deuren sluiten. De big bands hadden het veld geruimd en de charanga's
en conjunto's deden hun intrede. De dansvloer trilde nog na van de pachanga en
de boogaloo. Cuba, tot dat moment het muzikaal oriëntatiepunt voor de Newyorkse
latinmuziek, kon die rol door allerlei politieke verwikkelingen niet meer vervullen.
Ondertussen diende zich een nieuwe in New York zelf opgegroeide latino-generatie
aan. Een generatie die op zoek was naar een eigen identiteit. Muziek bleek een
goede drager voor die identiteit, maar moest daarvoor wel een gedaantewisseling
ondergaan. Het moest een eigen herkenbaar Newyorks geluid krijgen. Jerry
Masucci voelde dat haarfijn aan en bundelde krachten met Johnny Pacheco. Zij wisten
dit gegeven commercieel uit te buiten. Hun muziek met die nieuwe identiteit de
naam 'salsa' meegeven, bleek een gouden greep. Met hun Fania platenlabel bouwden
zij een imperium. Dit alles speelde eind jaren zestig en begin jaren zeventig.
In 1968, Ira had zijn studie inmiddels afgerond, besloot het echtpaar naar New
York te gaan. Daar kwam Ira door zijn werk wederom midden in het brandpunt te
staan. Dit keer geen danszaal of luxe hotel, maar een ziekenhuis midden in Spanish
Harlem, een saneringswijk met grote sociale spanningen. Hier gebeurde het allemaal.
Op straat, in het uitgaansleven, iedereen ademde salsa. Werkend als arts in dat
ziekenhuis leerde Ira vele artiesten persoonlijk kennen en beleefde intens hoe
de Newyorkse latino-gemeenschap besmet raakte met het salsavirus.
Bloed
kruipt waar het niet kan gaan
Inmiddels uitgebreid met twee kinderen, verhuisde
het gezin Goldwasser in 1975 opnieuw naar Nederland. Salsa bleek niet onbekend,
maar was erg 'underground'. Spoedig werden Ira en Harriett in die scene gespot.
Het bloed kruipt waar het niet kan gaan en binnen de kortste keren adopteerde
het echtpaar 'Salsa de Amsterdam', één van de eerste orkesten dat
zich voorzichtig aan dit genre waagde. Het was een tijd dat kranten het woord
salsa uit pure onwetendheid nog met een 'z' schreven en het Bimhuis er niets mee
te maken wilde hebben, omdat zij het niet verwant genoeg vond aan jazz. Het werk
voor Salsa de Amsterdam en alles wat daarop volgde, bracht Ira en Harriett in
contact met de wereld van producers en promoters. Het
verhaal krijgt een wending in 1987. Vanwege hun kennis en het materiaal waarover
zij beschikten, kreeg het echtpaar bij een lokaal radiostation ruimte iets met
salsa te doen. Van slechts een enkel uurtje groeide het programma binnen de kortste
keren uit naar een avondvullende gebeurtenis met gasten, publiek en gelegenheid
om te dansen. Het radiostation werd onderdeel van het uitgaansgebeuren. Mede door
hun inzet en aanpak kreeg de salsa in Amsterdam een bloeiend bovengronds bestaan.
Na al die jaren maakt het echtpaar nog steeds radio. Niet meer lokaal maar landelijk
voor de Concertzender. Elke vrijdagavond is het prijs. Een uur lang laat Ira het
programma 'Mambo' uit de speakers schallen. De naam geeft aan dat het hier niet
gaat om een programma met de laatste hitjes uit New York. Aan de hand van thema's
worden allerlei aspecten van salsa belicht. En één keer per maand,
elke tweede vrijdag, claimen Ira en Harriett de nacht met maar liefst zeven en
een half uur achtereen latin-jazz.
Gemengde
gevoelens
In huize Goldwasser is het leven met muziek en muziek is leven.
Ira is zich vanuit zijn professie als psychiater als geen ander bewust van de
betekenis van muziek en dans voor expressie van emoties en sociale omgang. Wat
dat betreft heeft hij gemengde gevoelens bij de hedendaagse salsascène.
Salsa is populairder dan ooit maar heeft last van inflatie. De muziek is in kwalitatief
opzicht armer geworden en de fixatie bij de dans op een aangeleerde combinaties
van figuurtjes kan hem ook niet echt bekoren. Alle expressie en emotie zijn verdwenen.
Wat hem betreft heeft het lang genoeg geduurd en mag latin weer 'underground'
gaan om zo weer het domein van liefhebbers te worden.
|